Wtta en intermediair

De situatie

Onlangs kregen wij een vraag uit de praktijk die wij graag met je delen. Een intermediair werkt samen met een backofficepartij. De intermediair werft en selecteert de kandidaten en onderhoudt het contact met de opdrachtgever en de kandidaat. De backofficepartij neemt de uitzendkrachten in dienst en verzorgt de verloning. Daarmee is zij de juridisch werkgever.

Nu heeft die backofficepartij de intermediair opgedragen om zich bij de KvK in te schrijven als uitzendbureau met de desbetreffende SBI code daarvoor. De intermediair heeft zelf geen enkele medewerker in dienst en vraagt zich af of dat wel klopt. Die vraag is begrijpelijk, want veel backofficepartijen vertellen hun intermediairs juist dat zij zelf niets hoeven te regelen (ook niet voor Wtta) als zij het juridisch werkgeverschap uitbesteden.

In deze blog zetten wij op een rij wat de wet hierover zegt en hoe de KvK en de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU) ermee omgaan. Daarna kijken wij naar wat de Nederlandse Arbeidsinspectie volgens Patrick Tom van Bureau Cicero op dit moment doet en naar de gevolgen onder de Wtta, die op 1 januari 2027 in werking treedt.

Wat zegt de wet?

De Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi) omschrijft in artikel 1 wat ter beschikking stellen van arbeidskrachten is:

“het tegen vergoeding ter beschikking stellen van arbeidskrachten aan een ander voor het onder diens toezicht en leiding, anders dan krachtens een met deze gesloten arbeidsovereenkomst, verrichten van arbeid”

Opvallend is wat er niet staat: de definitie eist niet dat de arbeidskrachten in dienst zijn bij degene die hen ter beschikking stelt.

Dat dit geen toeval lijkt, zie je in hetzelfde artikel. De wet zondert het ter beschikking stellen bij wijze van hulpbetoon zonder winstoogmerk uit, maar alleen voor arbeidskrachten “die bij degene, die hen ter beschikking stelt, ten behoeve van arbeid in diens onderneming in dienst zijn”. Waar de wetgever een dienstverband als voorwaarde lijkt te willen stellen, schrijft hij dat dus uitdrukkelijk op.

Dit is onze interpretatie van de wettekst. Er is (nog) geen uitspraak van een rechter of standpunt van de NAU dat deze specifieke situatie behandelt.

Wat zeggen de KVK en de NAU?

De KvK splitst de definitie uit de Waadi op in zes bestanddelen:

  • arbeidskracht
  • tegen vergoeding
  • aan een ander
  • onder diens toezicht en leiding
  • anders dan krachtens een arbeidsovereenkomst
  • arbeid verrichten

Werkgeverschap staat niet in dit rijtje. Volgens de KvK maakt het niet uit welke naam een constructie heeft. Of er sprake is van terbeschikkingstelling, wordt beoordeeld aan de hand van de feiten en omstandigheden van de concrete situatie. Bij twijfel adviseert de KVK om te laten registreren dat je personeel uitleent, zodat je geen boete riskeert bij een controle van de Nederlandse Arbeidsinspectie.

Helemaal eenduidig zijn de overheidsbronnen niet. Op dezelfde KvK-pagina staat dat de uitlenende werkgever geregistreerd moet zijn. Ook de NAU gebruikt in haar toetspunten het woord werknemer. Volgens het eerste toetspunt ben je uitlener als je een werknemer beschikbaar stelt aan een ander bedrijf. Een backofficepartij heeft geen andere status dan een uitzendbureau.

Wie is hier de uitlener?

Of de intermediair medewerkers in dienst heeft, is kennelijk niet doorslaggevend. Op basis van de wettekst is vooral bepalend met wie de inlener zijn overeenkomst sluit en aan wie hij betaalt. Wij zien in de praktijk twee varianten.

Variant AVariant B
Overeenkomst met de inlenerintermediairbackofficepartij
Factuur aan de inlenerdoor de intermediairdoor de backofficepartij
Rol van de intermediairstelt tegen vergoeding arbeidskrachten aan de inlener ter beschikking (doorlener)werving en selectie
Waadi-registratie intermediairop grond van de definitie verdedigbaarligt niet voor de hand, tenzij de intermediair ook werkgeverstaken uitvoert

In variant A leent de backofficepartij de uitzendkracht in feite uit aan de intermediair, en leent de intermediair hem door aan de inlener. Dan voldoet ook de intermediair aan alle bestanddelen van de definitie, terwijl hij niemand in dienst heeft. De opdracht van de backofficepartij is in die situatie goed te verklaren.

In variant B contracteert en factureert de backofficepartij rechtstreeks met de inlener. De intermediair levert dan een wervingsdienst en stelt zelf niemand tegen vergoeding aan de inlener ter beschikking. Op basis van de wettekst past een inschrijving als uitzendbureau naar mijn mening dan minder goed bij de feiten. De Arbeidsinspectie lijkt hier strenger naar te kijken, zoals je hieronder leest.

Veel samenwerkingen zitten ergens tussenin, bijvoorbeeld als de intermediair de tarieven afspreekt en de backofficepartij factureert. Juist dan loont het om de contracten naast de feiten te leggen.

Wat de Arbeidsinspectie nu lijkt te doen

Op 21 oktober 2026 plaatste Maqqie op LinkedIn een video met Patrick Tom van Bureau Cicero over precies dit vraagstuk. Tom vertelt daarin dat hij in juni hoorde van een onderzoek van de Nederlandse Arbeidsinspectie bij een gezamenlijke relatie. Volgens hem ziet de Arbeidsinspectie inmiddels in vijf zaken gedeeld werkgeverschap bij intermediairs die naast werving en selectie ook andere werkgeverstaken in hun pakket hebben. Die intermediairs zouden dan nu een Waadi-registratie nodig hebben en straks een Wtta-toelating.

Tom spreekt over een boeterapport dat in de maak is. Daarin zouden zowel de opdrachtgever als de intermediair een boete krijgen, omdat de intermediair niet als uitlener in het Handelsregister staat. Hij heeft dat rapport zelf nog niet gezien en verwacht dat de kwestie bij de rechter eindigt.

In de tekst bij de video schrijft Maqqie dat deze combinatie van taken volgens Tom “al kan wijzen op gedeeld werkgeverschap”, ook als er geen factuurstroom is. Er is nog geen rechterlijke uitspraak.

Dit is informatie uit de tweede hand. Voor zover wij kunnen nagaan, heeft de Arbeidsinspectie hierover zelf nog niets gepubliceerd. Het signaal is wel duidelijk: de Arbeidsinspectie kijkt mogelijk verder dan de contracten en facturen alleen.

Wat betekent dit onder de Wtta?

Een Waadi-registratie is straks meer dan een vinkje bij de KvK. De Wtta treedt op 1 januari 2027 in werking en vanaf 1 januari 2028 handhaaft de Nederlandse Arbeidsinspectie op de toelatingsplicht. Per die datum gaat het Waadi-register van de KvK over naar het openbare Wtta-register van de NAU.

Is de intermediair in variant A een uitlener, dan heeft hij veen eigen toelating of ontheffing nodig. Dat brengt verplichtingen mee die veel intermediairs juist wilden ontlopen door hun backoffice uit te besteden. Zo moet hij een waarborgsom en een inspectierapport aanleveren waaruit blijkt dat hij voldoet aan het normenkader. Ook een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor de rechtspersoon is verplicht.

De termijnen liggen vast. Aanmelden voor de overgangsregeling kan van 1 november tot en met 31 december 2026. De aanvraag voor toelating of ontheffing volgt tussen 1 mei en 30 juni 2027.

De inlener heeft hier ook belang bij. Hij mag vanaf 2028 alleen nog samenwerken met een toegelaten uitlener of een uitlener met ontheffing. Blijkt de intermediair achteraf uitlener te zijn zonder toelating, dan riskeren beide partijen een boete.

Tot slot is er een opvallende tegenstrijdigheid. Veel backofficepartijen beloven hun intermediairs dat zij zelf niets hoeven te regelen. Een backofficepartij die zijn intermediair laat registreren als uitzendbureau, zegt eigenlijk dat de intermediair zelf ook uitlener is. Dat is wellicht de eerlijkere uitleg, maar het verschuift wel een flink deel van de verantwoordelijkheid naar de intermediair.

Ons advies

Krijg je als intermediair een vergelijkbaar verzoek van je backofficepartij? Loop dan eerst deze stappen door voordat je je inschrijft.

  1. Leg de overeenkomsten naast elkaar. Met wie sluit de inlener zijn contract en wie stuurt de factuur? Breng ook in kaart welke werkgeverstaken je naast werving en selectie zelf uitvoert.
  2. Vraag je backofficepartij schriftelijk waarom zij de registratie nodig vindt en wie volgens haar de uitlener is.
  3. Bepaal of je na 1 januari 2028 een eigen toelating nodig hebt. Is het antwoord ja of twijfel je, meld je dan vóór 31 december 2026 aan voor de overgangsregeling.
  4. Leg je vraag bij twijfel voor aan de NAU via toelatinguitleenmarkt.nl. Een schriftelijk antwoord van de uitvoerder zelf geeft je de meeste zekerheid.
  5. Hou nieuwsberichten over Wtta in de gaten.

Wil je weten hoe jouw eigen constructie in elkaar zit? FlexAssets helpt je graag met advies of een training op locatie over de Wtta en de rolverdeling in de keten.

Bronnen

Deel je liefde

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *